Door deze website te gebruiken gaat u akkoord met het gebruik van cookies op de website.

Het 100 jarige bestaan van Zeeburgia

Het 100 jarige bestaan van Zeeburgia

Titel_1950-1960.png

De_periode_van_1950-1960.png

PROFVOETBAL IN NEDERLAND

De zorgen om de professionalisering van het voetbal overheersen steeds vaker het echte voetbalnieuws voor de amateurverenigingen. Elders in Europa is in bijna ieder land een profcompetitie opgestart. Gaat Nederland wel of niet over op profvoetbal? De voorzitter van Zeeburgia, Louis Matteman, vormt met vooruitziende blik alvast een commissie die de tweede- en derdeklassers moet beschermen tegen de professionalisering. De uitkomst is een amateurtarief van drieduizend gulden voor elke speler die van een amateurvereniging naar een profclub verhuist. In de zomer van 1954 is het dan zover. Acht profclubs sluiten zich aan bij de Nederlandse Beroeps Voetbal Bond (NBVB). De KNVB is aanvankelijk geen voorstander van profvoetbal, maar gaat dan toch overstag. De eerste profcompetitie van de NBVB in het seizoen 1954/55 stopt in november 1954. De NBVB houdt op te bestaan en gaat op in de KNVB, die voor het seizoen 1955/56 de proflicenties uitdeelt.  Daarmee is de kogel door de kerk. Het Nederlandse amateurvoetbal zal daarna nooit meer hetzelfde zijn. Veel roemruchte clubs, die aanvankelijk opteren voor een profstatus, zullen later het loodje leggen. Zo telt de stad Amsterdam in het begin maar liefst vijf profclubs, namelijk: BVC (Betaald Voetbal Club) Amsterdam (in 1958 gefuseerd met de proftak van DWS), De Volewijckers, Blauw-Wit en Ajax. Alleen Ajax blijft uiteindelijk over. 

Bij Zeeburgia is alles in rep en roer. Wel of geen profvoetbal? Als het aan Kurth Vyth ligt, heeft Zeeburgia niets te vrezen. Kurt is voetbalgek en fanatiek Zeeburgiaan. Met zijn accubedrijf heeft hij inmiddels vele miljoenen verdiend. Voor de zekerheid dient het bestuur van Zeeburgia nog wel een aanvraag in voor een proflicentie. Toch is duidelijk geworden dat er veel oppositie is. De Zeeburgia-familie is er absoluut niet van overtuigd dat een profavontuur het beste is voor de club. In een Buitengewone Algemene Ledenvergadering in januari 1955 wordt besloten om voorzitter Louis Matteman en zijn bestuur een mandaat te geven. Zeeburgia blijft een amateurvereniging.
Een belangrijk besluit (Clubblad De Zeeburgiaan april 1955) Het zal U zeker bekend zijn dat ook in de toekomst onze vereniging amateurvoetbal zal blijven beoefenen. In onze bestuursvergadering van 4 april jl. werd het besluit genomen dat we onze amateurstatus zullen bewaren. Dat zal niet gemakkelijk zijn maar geen voetbalvereniging gaat een onbezorgde tijd tegemoet. In alle amateurverenigingen treft men spelers aan die een poging willen doen om hun voetbalbekwaamheden ten nutte te maken aan de vergroting van hun inkomen. Verheugend is dat het bestuursbesluit om niet tot betaling over te gaan in de brede kring van onze vereniging met instemming is ontvangen.


Teamfoto_Zeeburgia.png

ZEEBURGIA GAAT DOOR ALS AMATEURVERENIGING

Na het rampseizoen 1950/51 pakken The Whites, langzaam maar zeker, de voetbaldraad weer op. De toeschouwers keren terug met de voetbalprestaties, maar niet meer in die aantallen van ervoor. De komst van het profvoetbal is daar mede debet aan. De zit-tribune van twee miljoen ton, die in 1949 eindelijk gereed is gekomen, is een overbodige luxe. Slechts sporadisch wordt de maximale capaciteit van elfduizend gehaald en dat is dan niet voor The Whites, maar voor het Nederlands kampioenschap honkbal, waarin buurtvereniging OVVO uitkomt. Over de seizoenen 1953/54 (negende) en 1954/55 (achtste) is qua voetbalprestaties niet veel te melden. Buiten het veld gebeurt er des te meer. Over de ongewisse toekomst als amateurclub maken veel Zeeburgianen zich grote zorgen, maar er moet ook gewoon gefeest worden…, Sinterklaas en Carnaval bijvoorbeeld. 

ZEEBURGIA IN HET VOETBALWALHALLA?

Dan is er ook op voetbalgebied weer reden voor een feest: omdat The Whites ook de promotiepoule tegen Lugdunum, Hollandia en Unitas winnen, keren ze voor de tweede keer in hun bestaan terug naar het voetbalwalhalla: het hoogste amateurniveau. Penningmeester Jellema is een gelukkig mens, want die promotiewedstrijden leveren een hoge recette op. Aan het begin van het seizoen 1956/57 loot Zeeburgia tegen Ajax voor de KNVB-beker. De drukbezochte bekerderby in De Meer trekt veel toeschouwers, maar gaat wel met 6-1 verloren. Toch kan de penningmeester bijna tweeduizend gulden bijschrijven. Het verblijf in het walhalla duurt slechts twee seizoenen. Na het eerste seizoen verruilen maar liefst zes basisspelers de Kruislaan voor een profclub. Tegen zoveel profgeweld valt zelfs voor de immer succesvolle jeugdopleiding van Zeeburgia niet op te leiden, ondanks dat jonge talenten als Dick Hollander en Joop Elzinga hun debuut maken. 


Wil je meer verhalen lezen over de geschiedenis van Zeeburgia? Het jubileumboek De Eeuwige Jeugd is verkrijgbaar. Het boek kost 35 euro in de Z-kantine en 50 euro online via uitgever Dato en bol.com. Kom dus vooral langs aan de Kruislaan of klik hier om het boek online te bestellen.

Delen

voeg je eigen gadgets toe aan deze pagina!